Ad Jereskes nog steeds een bezig baasje

Hij is al achterin de zestig, maar stil zitten en achterover leunen is er voor Ad Jereskes niet bij. Hij heeft al twee werkafspraken achter de rug als we elkaar op een warme dinsdagmiddag ontmoeten. Bijna veertig jaar werkte hij als ambtenaar, waarvan verreweg de langste tijd bij de Gemeente Roermond. Zo’n zeven en een half jaar geleden vond er op een Stadhuis een reorganisatie plaats en nam de gemeente afscheid van maar liefst 65 medewerkers. Daarmee werd tegelijkertijd de nodige kennis, kunde en ervaring overboord gekieperd. De gevolgen daarvan zijn anno 2021 duidelijk merkbaar.

Ad had zich in zijn ambtelijke loopbaan op een breed terrein gespecialiseerd en was voor menigeen binnen en buiten het Stadhuis een vraagbaak, o.a. op het gebied van ruimtelijke ordening en milieu. Hij was als projectcoördinator nauw betrokken bij de realisatie van de A73 en zou voor de gemeente omgevingsmanager worden voor de N280, maar werd in het kader van de reorganisatie vervroegd met pensioen gestuurd, waarna de aannemer hem benaderde met de vraag die functie voor hem te vervullen. Die klus is met inmiddels met succes geklaard.

Momenteel is hij als omgevingsmanager aan de slag bij de herinrichting van de Kapellerlaan. Deze maand nog wordt een begin gemaakt met de werkzaamheden en als alles volgens plan verloopt, wordt het project in juli 2022 afgerond.

Binnenstad
De familie Jereskes komt oorspronkelijk uit de Roermondse binnenstad, maar Ad woont inmiddels het grootste gedeelte van zijn leven in Maasniel, aanvankelijk in Oud-Neel (Donderberg), later aan de Maasnielderweg en sinds 2008 aan de Julianalaan, waar hij een monumentaal pand in de oude glorie heeft teruggebracht. Een stevige klus, die het nodige bloed en zweet heeft gekost. Naast de renovatie van zijn woonhuis en zijn drukke baan vond hij ook nog tijd voor activiteiten in het Neelder verenigingsleven en met name voor de voetbalvereniging. Hij voetbalde bij SVVM en vervulde 46 jaar lang bestuursfuncties, eerst bij SVVM, later van Victoria en vervolgens van SVC 2000. Ook floot hij menige wedstrijd en fungeert ook nu nog regelmatig als scheidsrechter.

Vrouwenvoetbal
In 1997 stond hij aan de wieg van het vrouwenvoetbal in Neel. Door de week trainde hij de vrouwen en op zondag zat hij als coach op de bank. Hij vergaarde met zijn team de nodige successen, maar dat had ook een keerzijde, vertelt hij. “Aanvankelijk voetbalden wij op zondagmorgen in de regio en konden de vrouwen op zondagmiddag hun gang gaan. Dat veranderde toen de successen kwamen en wij soms uren in de auto zaten om onze competitieverplichtingen na te komen. Om een wedstrijd te spelen, waren we regelmatig de hele zondag van huis! De animo nam af, speelsters stichtten een gezin, jongeren gingen studeren en er was nauwelijks meer aanwas om een team samen te kunnen stellen dat op het niveau van de tweede klasse kon spelen”, vertelt Ad. “Vorig jaar is dan ook het doek gevallen. We hebben nu nog ook alleen nog een ‘veterinnenteam’. Toch betekent dat volgens Ad niet het einde van het vrouwenvoetbal bij SVC 2000, want het aantal meiden dat in jeugdteams speelt neemt toe. “Dat meisjes voetballen was lange tijd not done, maar is nu volledig geaccepteerd. De successen van de Oranjeleeuwinnen met Lieke Martens spreken aan en menige jonge meid wil als voetbalster in haar voetsporen treden.” Het maakt Ad niet uit of meisjes voor voetbal of een andere sport kiezen, belangrijk is dat kinderen plezier hebben in sport en met mensen leren omgaan.”

Krachten bundelen
Ad woont al vele jaren in Maasniel. Op de vraag of hij Neel heeft zien veranderen, antwoordt hij dat er in in andere toenemende mate sprake is van individualisering. “Daarin verschilt Maasniel niet van andere dorpen of steden!” Hij merkt op dat ook het aantal voorzieningen minder wordt.
Hij was enkele jaren geleden nauw bij de organisatie van het Oud-Limburgs Schuttersfeest betrokken, waar hij zich vooral bezighield met vergunningen en veiligheid. Hij heeft toen geconstateerd dat er in Maasniel sprake is van binding.
Er is geprobeerd een aantal verenigingen aan elkaar te koppelen. Dat is in beperkte mate gelukt, maar had volgens Ad meer resultaat kunnen hebben. “Koppeling hoeft geen fusie tot gevolg te hebben, maar verenigingen zouden zaken samen kunnen oppakken.” Hij noemt het sportpark waar gevoetbald, gekorfbald en aan atletiek gedaan wordt. Op korte afstand van elkaar liggen nu drie sportkantines. Wanneer al die verenigingen hun krachten zouden bundelen in een omnisportvereniging, zou dat voor iedereen profijt opleveren. In de huidige tijd is het zijns inziens bijvoorbeeld bijna onmogelijk om als vrijwilliger het penningmeesterschap van een vereniging te vervullen. “Je moet daarvoor de nodige kennis en kunde in huis hebben en met steeds veranderende regelgeving bekend zijn. Dat mag je van een professional verwachten, maar kun je van een vrijwilliger niet verlangen. Wanneer verenigingen nauw met elkaar samenwerken kun je ook meer bereiken, maar het is wachten op iemand die daartoe het initiatief neemt.
Ad vindt WijZijnMaasniel een prima initiatief en getuigen van betrokkenheid en binding. De enquête van enkele jaren geleden heeft veel informatie en nieuwe activiteiten opgeleverd zoals de Rommelroute en de Lichtjesweek. Dat geldt ook voor de Vastelaovesvillaasj, waarbij hij vanaf de start betrokken is.

Wat terugdoen
Ad denkt er voorlopig nog niet aan te stoppen met werken en een punt te zetten achter zijn activiteiten. “Er zijn genoeg mensen die met 65 jaar niets meer doen en omkiepen. Ik geef er de voorkeur aan te genieten van het leven en zo lang als ik kan leuke dingen te blijven doen en betrokken te blijven bij de maatschappij. Ik heb zoveel gekregen van de maatschappij, ik wil daarvoor ook best wat terugdoen!”, zegt hij tot besluit.

Auteur: Wim Puts






Geef een reactie